Richtlijn Dermatomyositis polymyositis en sporadische

Richtlijn Dermatomyositis Polymyositis En Sporadische-Free PDF

  • Date:31 Jan 2020
  • Views:51
  • Downloads:0
  • Pages:70
  • Size:479.95 KB

Share Pdf : Richtlijn Dermatomyositis Polymyositis En Sporadische

Download and Preview : Richtlijn Dermatomyositis Polymyositis En Sporadische


Report CopyRight/DMCA Form For : Richtlijn Dermatomyositis Polymyositis En Sporadische


Transcription:

D E R M AT O M Y O S I T I S P O LY M Y O S I T I S E N S P O R A D I S C H E I N C L U S I O N B O D Y M Y O S I T I S. Colofon Richtlijn, Richtlijn Dermatomyositis polymyositis en sporadische inclusion body myositis. ISBN 90 8523 043 8,2005 Nederlandse Vereniging voor Neurologie. Postbus 20050 3502 LB UTRECHT,Lt Gen van Heutzlaan 6 3743 JN Baarn. Dermatomyositis polymyositis en,Tel 31 0 30 282 33 43. Fax 31 0 30 280 38 79,Tel 31 0 35 548 04 85,Fax 31 0 35 548 04 99.
sporadische inclusion body myositis,Website www neurologie nl Website www isno nl. Van Zuiden Communications B V,Postbus 2122 2400 CC Alphen aan den Rijn. E mail zuiden zuidencomm nl,www richtlijnonline nl. De richtlijn Dermatomyositis polymyositis en sporadische inclusion body myositis is mede totstandgekomen door. het programma Evidence Based Richtlijn Ontwikkeling EBRO van de Orde van Medisch Specialisten. Alle rechten voorbehouden, De tekst uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of openbaar. gemaakt in enige vorm of op enige wijze hetzij elektronisch mechanisch door fotokopie n of enige andere manier echter. uitsluitend na voorafgaande toestemming van de uitgever. Toestemming voor gebruik van tekst gedeelten kunt u schriftelijk of per e mail en uitsluitend bij de uitgever aanvragen. Adres en e mailadres zie boven Deze uitgave en andere richtlijnen zijn te bestellen via www richtlijnonline nl. Het Kwaliteitsinstituut voor de Gezondheidszorg CBO gevestigd in Utrecht heeft tot doel individuele beroepsbeoefenaren. hun beroepsverenigingen en zorginstellingen te ondersteunen bij het verbeteren van de pati ntenzorg Het CBO biedt. via programma s en projecten ondersteuning en begeleiding bij systematisch en gestructureerd meten verbeteren en. borgen van kwaliteit van de pati ntenzorg, De Nederlandse Vereniging voor Neurologie NVN vertegenwoordigt de neurologen die in Nederland het vak neuro.
logie beoefenen De NVN heeft gemeenschappelijk met de door haar vertegenwoordigde neurologen in het komende. decennium als belangrijkste taak het bewaken het bevorderen en het optimaliseren van de vakinhoudelijke kwaliteit. van zorg voor mensen met aandoeningen van het zenuwstelsel of van spieren. ISNO www isno nl, Het Interuniversitair Steunpunt Neuromusculair Onderzoek ISNO stelt zich ten doel de samenwerking tussen neuro. musculaire onderzoekers te bevorderen en de instelling van leerstoelen voor neuromusculair onderzoek te stimuleren. Sinds de oprichting in 1993 is de achterban gegroeid tot 156 onderzoekers Het Prinses Beatrix Fonds maakt de meeste. ISNO activiteiten financieel mogelijk, D E R M AT O M Y O S I T I S P O LY M Y O S I T I S E N S P O R A D I S C H E I N C L U S I O N B O D Y M Y O S I T I S. Organisatie, Nederlandse Vereniging voor Neurologie Inhoudsopgave. Interuniversitair Steunpunt Neuromusculair Onderzoek. Samenstelling van de werkgroep 7,In samenwerking met Voorwoord 9. Nederlandse Vereniging voor Kinderneurologie Stroomdiagrammen 11. Nederlandse Vereniging voor Pathologie Overzicht van conclusies en aanbevelingen 13. Nederlandse Vereniging voor Dermatologie en Venereologie. Nederlandse Vereniging voor Reumatologie 1 Inleiding 31. Nederlandsche Internisten Vereeniging 1 1 Onderwerp 31. Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde 1 2 Doelgroep en doelstelling 31. Nederlandse Vereniging van Artsen voor Revalidatie en Physische Geneeskunde 1 3 Uitgangsvragen 32. Nederlands Paramedisch Instituut 1 4 Wetenschappelijke onderbouwing 32. Vereniging Spierziekten Nederland, Reumapati ntenbond 2 Definities pathogenese en epidemiologie 35.
2 1 Definities 35,2 2 Pathogenese 37, Met ondersteuning van 2 3 Incidentie en prevalentie 38. Kwaliteitsinstituut voor de Gezondheidszorg CBO 2 3 1 Korte geschiedenis 38. 2 3 2 Epidemiologie 38, In het kader van het programma Medisch Specialistische Richtlijnontwikkeling 2 3 3 Incidentie van idiopathische inflammatoire myopathie n IIM 39. van de Orde van Medisch Specialisten 2 3 4 Incidentie van juveniele dermatomyositis DM 39. 2 3 5 Prevalentie van sporadische inclusion body myositis 40. 2 4 Risicofactoren 41,2 4 1 Relatie met sekse en leeftijd 41. 2 4 2 Geografische en sociaal economische factoren 42. 2 4 3 Risico op het ontwikkelen van een maligniteit 42. 2 4 4 Associatie met inflammatoire bindweefselziekten 43. 3 Diagnostiek van volwassenen 47,3 1 Diagnostische criteria 47. 3 2 Diagnostische waarde van ziekteverschijnselen 47. 3 2 1 Dermatomyositis 47,3 2 2 Polymyositis PM 55,3 2 3 Sporadische inclusion body myositis 56.
3 3 Aanvullende diagnostiek 58,3 3 1 Pathologie 58. 3 3 2 Beeldvorming 69,3 3 3 Serologie 71,3 3 4 Biochemie 74. 3 3 5 Elektromyografie 75, D E R M AT O M Y O S I T I S P O LY M Y O S I T I S E N S P O R A D I S C H E I N C L U S I O N B O D Y M Y O S I T I S. 4 Behandeling van volwassenen 79, 4 1 Criteria voor activiteit en schade 79 Samenstelling van de werkgroep. 4 1 1 Inleiding 79,4 1 2 Activiteit van myositis 79.
4 1 3 Schade bij myositis 79 Prof dr F G I Jennekens neuroloog voorzitter. 4 1 4 Activiteit van dermatitis 80 Prof dr J W J Bijlsma reumatoloog. 4 1 5 Schade bij dermatitis 80 Dr R H Boerman neuroloog. 4 2 Evaluatie tijdens het ziektebeloop 80 Drs I F M de Coo kinderneuroloog. 4 2 1 Spierkracht 80 Prof dr B G M van Engelen neuroloog. 4 2 2 Spierfunctie 81 Dr D N H Enomoto dermatoloog. 4 2 3 Huidafwijkingen 81 Dr F H J van den Hoogen reumatoloog. 4 3 Immunosuppressie en immunomodulatie van dermatomyositis 82 Dr J E Hoogendijk neuroloog. en polymyositis Dr A Horemans pati ntenvertegenwoordiger. 4 4 Immunosuppressie en immunomodulatie van sporadische 88 Prof dr C G M Kallenberg internist. inclusion body myositis Dr J M van Laar reumatoloog. 4 5 Symptomatische therapie 92 Dr M M Lammens neuropatholoog. Prof dr E Lindeman revalidatiearts, 5 Diagnostiek en behandeling van kinderen 99 Dr W H J P Linssen neuroloog. 5 1 Diagnostische waarde van ziekteverschijnselen 99 J Piron van Herk ervaringsdeskundige. 5 2 Aanvullende diagnostiek 101 Dr M A de Rie dermatoloog. 5 2 1 Pathologie 101 Drs I N Snoeck Streef kinderarts. 5 2 2 Beeldvorming 102 Prof dr M de Visser neuroloog. 5 2 3 Biochemische en serologische afwijkingen 102 Drs A van Royen Kerkhof kinderarts. 5 2 4 Elektromyografie 103 Prof dr A R Wintzen neuroloog. 5 3 Evaluatie van het ziektebeloop 105 Drs H van Veenendaal adviseur CBO. 5 3 1 Spierkracht 105 Dr K Rosenbrand arts senior adviseur CBO. 5 3 2 Huidafwijkingen 105,5 4 Immunomodulatie en immunosuppressie 106. 5 5 Symptomatische behandeling van juveniele dermatomyositis 110 Adviseurs. 5 5 1 Fysiotherapie ter preventie van contracturen 111 Reumapati ntenbond. Prof dr W Kuis kinderarts, 6 Prognose en prognostische factoren 113 Prof dr R A B Oostendorp wetenschappelijk directeur Nederlands Paramedisch Instituut. 6 1 Dermatomyositis en polymyositis 113 Prof dr M J Zwarts klinisch neurofysioloog. 6 2 Sporadische inclusion body myositis 119,6 3 Juveniele dermatomyositis 121. 7 Organisatie van de zorg 125,7 1 Zorgbehoefte 125.
7 2 Zorgtraject 125,7 3 IIM deskundigen 126,Bijlagen 129. 1 Medische onderwerpen 129,2 Andere onderwerpen 137. De richtlijn over dermatomyositis polymyositis en sporadische inclusion body myositis heeft. ten minste vier bijzondere aspecten We lichten deze hier nader toe omdat ze gevolgen hebben. voor de afgrenzing van de richtlijn en voor de indeling van de tekst. De myositiden vormen een groep van verwante ziekten De richtlijn was vanaf het begin. bedoeld voor de drie ziektebeelden die in de titel worden genoemd Deze drie behoren tot de. meest voorkomende ze kunnen aanleiding geven tot ernstige handicap en tot een verkorte. levensverwachting In klinische kenmerken tonen ze overeenkomst maar in mogelijkheden. van behandeling verschillen ze aanmerkelijk Myositis komt ook voor binnen het kader van. inflammatoire bindweefselziekten inflammatoire bindweefselaandoeningen in engere zin. vallen buiten het onderwerp van de richtlijn aangezien hiervoor specifieke classificatiecriteria. bestaan Eosinofiele en granulomateuze myositis focale en orbitale myositis en door genees. middelen veroorzaakte myositis blijven eveneens buiten beschouwing Datzelfde geldt voor. de verschillende vormen van infectieuze myositis voor myositis bij HIV en voor myositis bij. graft versus host disease Deze richtlijn streeft dus geen volledigheid ten aanzien van de groep. van myositiden na, Op kinderleeftijd presenteert myositis zich op een andere manier dan op volwassen leeftijd. Sporadische inclusion body myositis komt op kinderleeftijd niet voor en de symptomen van. dermatomyositis verschillen in ernst bij kinderen en volwassenen hetgeen gevolgen heeft. voor de diagnostiek en de therapie Myositis bij kinderen wordt daarom behandeld in een. afzonderlijk hoofdstuk, Inclusion body myositis is in 1971 beschreven De meeste mensen met deze ziekte zijn tot. ongeveer 1985 of 1990 gediagnosticeerd met therapieresistente polymyositis en ook in de. literatuur is het belang van het onderscheid tussen polymyositis en inclusion body myositis pas. laat doorgedrongen met alle verwarrende gevolgen van dien In de richtlijn is het onderscheid. tussen deze aandoeningen scherp gehandhaafd, Ten slotte dermatomyositis polymyositis en sporadische inclusion body myositis zijn in.
vergelijking tot bijvoorbeeld hersen en hartinfarcten zeldzame aandoeningen weesziekten. Doordat deze ziekten weinig bekendheid genieten verloopt hun diagnostiek vaak moeizaam. en is hun behandeling niet altijd optimaal Dit is vanzelfsprekend zeer onwenselijk zeker bij. ziekten zoals dermatomyositis en polymyositis waarvoor curatieve behandeling tot de mogelijk. heden behoort De huidige richtlijn is de eerste CBO richtlijn voor een groep van zeldzame. aandoeningen en internationaal de eerste voor deze myositiden Wij zullen daarom zorgen. voor een Engelstalige publicatie over de richtlijn Pati nten met zeldzame aandoeningen. D E R M AT O M Y O S I T I S P O LY M Y O S I T I S E N S P O R A D I S C H E I N C L U S I O N B O D Y M Y O S I T I S. moeten nog meer dan anderen hun eigen belangen verdedigen Om de toegankelijkheid van. de tekst voor hen te vergroten is een lijst met vreemde woorden toegevoegd in de bijlagen Stroomdiagrammen. Namens de Werkgroep voor Diagnostiek en Behandeling van Myositis. Verdenking inflammatoire myopathie, F G I Jennekens voorzitter dermatomyositis DM polymyositis PM inclusion body myositis IBM. Huidafwijkingen Typisch voor DM Amyopathische DM Mijd zonlicht geef. Gottron tekens papels of DM hydroxychloroquine,heliotroop erytheem z n zie therapie. etc A2 C3 28 29 schema C20,Screen op kanker,A1 6 en long. Klinisch passend afwijkingen C3 A5,bij DM maar bij kinderen wees alert. niet diagnostisch op manifestaties in,andere organen C30.
behandel volgens,Huidbiopt met Spierzwakte therapieschema. afwijkingen typisch,voor DM d d S LE,Spierzwakte,Spierbiopt in klinisch Dermatomyositis. aangedane spier,Spierzwakte typische afwijkingen, Chronisch a symme Subacuut proximaal Tekenen bindweefsel Polymyositis. trisch proximaal of symmetrisch ziekte SLE reuma overweeg behandeling. distaal benen distaal pijn geen MCTD syndroom volgens. armen slikstoornissen fasciculaties van Sj gren therapieschema. 30 jr geen pijn geen geen krampen sclerodermie,krampen geen A7 C42. fasciculaties niet,familiair C5 A8, Spierbiopsie in klinisch Spierbiopt in klinisch Spierbiopt in klinisch Polymyositis.
aangedane spier evt aangedane spier evt aangedane spier behandel volgens. op geleide van beeld op geleide van beeld Mononucleaire therapieschema. vorming A13 RVs vorming A13 Geen celinfiltraten C9. mononucleaire RVs wel endomysiale Zie voetnoot,endomysiale celinfiltr Jo 1. celinfiltraten C9 antilich negatief A14,Inclusion Waarschijnlijk Overweeg andere. body myositis inclusion diagnose herhaling,body myositis biopsie verwijzing. neuromusculair,centrum etc,Verwijs door voor symptomatische. behandeling revalidatie, In sommige gevallen wordt subacuut debuterende proximale symmetrische spierzwakte veroorzaakt door.
necrotiserende immuungemedieerde myopathie, D E R M AT O M Y O S I T I S P O LY M Y O S I T I S E N S P O R A D I S C H E I N C L U S I O N B O D Y M Y O S I T I S. Medicamenteuze behandeling van dermatomyositis en polymyositis. Reviseer diagnose,Overzicht van conclusies en aanbevelingen. Incidentie en prevalentie van dermatomyositis DM polymyositis PM en. Geen Bij volwassenen prednison 1 1 5 mg kg bij kinderen 1 2 mg kg sporadische inclusion body myositis sIBM. verandering gedurende 1 maand bij voldoende reactie. na 3 mnd op geleide van ziekteactiviteit geleidelijk afbouwen. Conclusie 1, De incidentie van juveniele dermatomyositis bedraagt 1 5 tot 4 x 10 6. De prevalentie van sporadische inclusion body myositis in Nederland. bedraagt 4 9 x 10 6 Dit is vermoedelijk een onderschatting. Niveau 3 Er zijn geen goede epidemiologische onderzoeken over adulte dermato. Toename zwakte of Persisterende Terugval Onbehandelbare of myositis. levensbedreigende ziekte na hinderlijke,zwakte activiteit remissie bijwerking. Over polymyositis zijn geen epidemiologische cijfers beschikbaar gezien het. ontbreken van een scherpe defini ring van deze entiteit. Bij volwassenen i v Start opnieuw met Verlaag of stop De incidentie van dermatomyosit. Inhoudsopgave Samenstelling van de werkgroep 7 Voorwoord 9 Stroomdiagrammen 11 Overzicht van conclusies en aanbevelingen 13 1 Inleiding 31 1 1 Onderwerp 31

Related Books