COmmunicatie en verwijzing COmplementaire Zorg – COCOZ

Communicatie En Verwijzing Complementaire Zorg Cocoz-Free PDF

  • Date:23 Feb 2021
  • Views:0
  • Downloads:0
  • Pages:43
  • Size:1.60 MB

Share Pdf : Communicatie En Verwijzing Complementaire Zorg Cocoz

Download and Preview : Communicatie En Verwijzing Complementaire Zorg Cocoz


Report CopyRight/DMCA Form For : Communicatie En Verwijzing Complementaire Zorg Cocoz


Transcription:

COmmunicatie en verwijzingCOmplementaire Zorg – COCOZEindrapportageHerman van Wietmarschen, Martine Busch© 2019 Louis Bolk InstituutCOmmunicatie en verwijzing COmplementaire Zorg –COCOZ - EindrapportageHerman van Wietmarschen1, Martine Busch21LouisBolk Instituut2VanPraag InstituutPublicatienummer 2019-002 VG43 pagina’sDeze publicatie is beschikbaar viawww.louisbolk.nl/[email protected] 0343 523 860Kosterijland 3-53981 AJ [email protected] Bolk Instituut: Onderzoek en advies ter bevordering vanduurzame landbouw, voeding en gezondheidInhoud1 Inleiding42 Opzet COCOZ53 Resultaten algemeen54 Tips & Tools75 Evidence96 Borging10Bijlagen12Bijlage 1: SORT analyse per complementaire behandelvormBijlage 2: SORT analyse: acupunctuur voor lage rugpijnBijlage 3: SORT analyse: chiropractie voor lage rugpijnBijlage 4: SORT analyse: homeopathie voor lage rugpijnBijlage 5: SORT analyse: natuurgeneeskunde voor lage rugpijnBijlage 6: SORT analyse: osteopathie voor lage rugpijnBijlage 7: SORT analyse: acupunctuur voor bovenste luchtweginfectiesBijlage 8: SORT analyse: homeopathie voor bovenste luchtweginfectiesBijlage 9: SORT analyse: natuurgeneeskunde voor bovenste luchtweginfectiesBijlage 10: SORT analyse: osteopathie voor bovenste luchtweginfectiesBijlage 11: SORT analyse: acupunctuur voor prikkelbare darmenBijlage 12: SORT analyse: homeopathie voor prikkelbare darmenBijlage 13: SORT analyse: natuurgeneeskunde voor prikkelbare darmenBijlage 14: SORT analyse: osteopathie voor prikkelbare darmenInhoud121316192123252629323436384231 InleidingIn het COCOZ project (2017-2018) hebben complementair behandelaars van verschillendedisciplines samen met regulier werkend huisartsen behoeften en wensen rond communicatie en doorverwijzing naar complementaire zorg besproken. Dit gebeurde onder begeleiding van het Van Praag Instituut en het Louis Bolk Instituut en met steun van de VerenigingHomeopathie en de Stichting MS-Anders. De verschillende complementaire disciplines werden vertegenwoordigd door de AVIG (homeopathie en natuurgeneeskunde), de NAAV(acupunctuur), de NCA (chiropractie), de NVA (acupunctuur), de NVKH (homeopathie) ende NVO (osteopathie). Gezamenlijk doel was het ontwikkelen van bouwstenen – tips & tools– om de patiëntenzorg voor patiënten met chronische problematiek in de eerstelijnszorg teverbeteren.Het COCOZ project is een vervolg op de succesvolle Proeftuin Geïntegreerde Zorg in deeerste lijn voor mensen met chronische gewrichtsklachten (2011- 2015)1. Daarin is een zorgmodel voor de integratie van cz in huisartsenpraktijken ontwikkeld1 naast praktische toolsvoor huisartsen en complementaire behandelaars om communicatie en doorverwijzingnaar cz te ondersteunen. Als laatste fase in deze proeftuin is een gerandomiseerde gecontroleerde studie uitgevoerd met als belangrijkste bevindingen dat patiënten die werdendoorverwezen naar cz, een betere kwaliteit van leven ervaarden en minder pijnmedicatienodig hadden na 1 jaar follow-up, dan patiënten die niet werden doorverwezen [in press].De deelnemende huisartsen, patiënten en complementair behandelaars zijn toen tevensgevraagd naar hun ervaringen met het ontwikkelde zorgmodel en de tools. Opvallend wasdat de meesten opmerkten dat met name de communicatie tussen de huisarts en complementair behandelaars in de praktijk niet zo optimaal was verlopen als gedacht. Ook werdensommige ontwikkelde tools om integratie van cz mogelijk te maken als zeer prettig en essentieel ervaren, terwijl andere nauwelijks werden gebruikt. In een slotbijeenkomst van deproeftuin eind 2015 werd daarom ook door alle aanwezigen geconcludeerd dat de communicatie tussen complementair en regulier werkende medische professionals nog verdermoet worden ontwikkeld en de tools voor communicatie tussen huisarts en complementairbehandelaars geoptimaliseerd kunnen worden.14Jong, M. C., Busch, M., Vijver, L. P. L. Van De, Jong, M., Fritsma, J., & Seldenrijk, R. (2016). PrimaryHealth Care : Open Access Pragmatic Model for Integrating Complementary and Alternative Medicine in Primary Care Management of Chronic Musculoskeletal Pain, 6(2).https://doi.org/10.4172/2167-1079.1000224COmmunicatie en verwijzing COmplementaire Zorg – COCOZ2 Opzet COCOZIn het COCOZ project hebben de zes bovengenoemde beroepsorganisaties van complementair behandelaars, een groep van zes onafhankelijke regulier werkende huisartsen,begeleiders/onderzoekers van het Van Praag Instituut en het Louis Bolk Instituut – gesteunddoor de Homeopathie Verenging en Stichting MS-Anders – gedurende twee jaar samengewerkt. Het project is gestart met een gezamenlijke kick off bijeenkomst op 1 december2016.Een projectgroep van steeds 1-2 afgevaardigden van de zes deelnemende beroepsorganisaties en per keer een groep van 3-4 huisartsen heeft zich in vijf themabijeenkomsten gezamenlijk gebogen over relevante aandachtspunten in het kader van communicatie en verwijzing. Hun input is door het Van Praag Instituut en het Louis Bolk Instituut nader uitgewerkttot concrete, praktische en wetenschappelijk onderbouwde tips & tools.De klankbordgroep bestond uit bestuurders van de zes deelnemende complementaire beroepsorganisaties en van de twee ondersteunende stichtingen. Zij kwamen eenmaal perjaar bijeen om de voortgang en de concept tips & tools te bespreken en gezamenlijk keuzes in het traject te maken. Zij ontvingen tussendoor digitaal updates van het project.Vervolgens zijn de tips & tools voorgelegd aan steeds twee vertegenwoordigers van de zesdeelnemende beroepsorganisaties, zes patiënten via de Stichting MS-Anders en de Homeopathie Vereniging en aan drie onafhankelijke, regulier werkende huisartsen die niet hebbendeelgenomen aan de projectgroep. Aldus verkregen feedback is verwerkt tot en definitieveversie van de tips & tools.De drie fasen van het COCOZ project1.Vijf themabijeenkomsten, in de vorm van focusgroepen.2.Ontwikkeling van praktische tips & tools naar aanleiding van de thema-bijeenkomsten en aanvullende wetenschappelijke literatuur.3.Systematische beoordeling van de tips & tools door de achterban van allebetrokken organisaties (complementair behandelaars en patiënten) en 5huisartsen.3 Resultaten algemeenTegen de achtergrond van ontwikkelingen als positieve gezondheid, de urgentie van chronische problematiek, de daarmee samenhangende opkomst van preventie en leefstijlinterventies, en daarnaast de toekomstvisie voor 2022 voor de huisartsengeneeskunde, zijn dethemabijeenkomsten vooral vanuit een pragmatische invalshoek ingevuld. Uiteindelijk resultaat zijn zeven praktische kaarten met tips & tools, die in de samenwerking en communicatie gebruikt kunnen worden (zie 4).Resultaten algemeen5In de themabijeenkomsten gaven de huisartsen aan dat er voor hen vier vragen centraalstaan:1.Biedt de complementaire therapie een mogelijke oplossing voor de problematiekvan de patiënt?2.Wat is de evidence?3.Hoe veilig is het?4.Wordt het vergoed?De huisarts maakt daarbij altijd de afweging tussen de ernst van het probleem, hoe invasiefde behandeling is en wat voor schade deze mogelijk kan doen. Bijvoorbeeld: hooikoorts iseen lastig probleem, waar niet echt een goede medische oplossing voor is. Het is echtergeen ernstig probleem. In overleg met de patiënt kan dan voor een complementaire therapie gekozen worden als er enige aanwijzing is dat deze kan helpen en niet schadelijk is. Voorbegeleiding bij chemotherapie of diabetes is het echter nodig om meer te weten over debeoogde complementaire behandelvorm in verband met mogelijke interactie met regulieremedicatie. Deze afweging tussen veiligheid en effectiviteit komt terug in kaart 7, het ethischraamwerk dat helpt om tot een keuze op maat te komen.Wat eventuele samenwerking met complementair behandelaars betreft, is het voor huisartsenonder meer belangrijk dat iemand professioneel en betrouwbaar is en bij voorkeur iemand isover wie de huisarts positieve berichten heeft gehoord van patiënten, dan wel iemand diehij/zij zelf kent. Of een huisarts zelf positieve ervaringen met complementaire zorg heeft, maaktook uit, net als scholing en kennis op dit gebied. De huisartsen zien genoeg thema’s die spelenin de huisartsenpraktijk waar complementaire zorg bij aan kan sluiten (zie schema 1). Tijdgebrekis echter een belangrijke hindernis voor samenwerking, maar ook teveel, te vage en te diverseSchema 1. ‘Facilitators’ voor samenwerking, perspectief huisarts6COmmunicatie en verwijzing COmplementaire Zorg – COCOZinformatie over complementaire zorg. Het gebrek aan geaccrediteerde bijscholingen helptook niet mee, net als het als negatief ervaren standpunt van de KNMG 2.Complementair behandelaars op hun beurt hebben daarnaast last van de beeldvormingover complementaire zorg: behandelen vanuit een van het biomedisch model afwijkendparadigma, wordt al gauw gezien als een filosofie en niet als een wetenschap. Verder ervaren zij dat huisartsen weinig of geen tijd hebben om kennis te maken en weinig of geen kennis hebben over de mogelijkheden van complementaire behandelwijzen. Vaak hebbencomplementair behandelaars zelf een beperkt netwerk in de reguliere zorg en ontbreekthet aan een consequent communicatiebeleid naar huisartsen toe, wat het moeilijk maaktom een ingang te vinden.4 Tips & ToolsSamenwerken met elkaar en doorverwijzen naar elkaar doe je als je van mening bent datde ander iets kan bieden wat jij niet kunt. Daarnaast is er vertrouwen nodig dat de anderzijn werk goed doet en ook tijdige en eerlijke terugkoppeling geeft.Voor goede samenwerking is het dus essentieel dat de professionals die met elkaar samenwerken elkaar waarderen om elkaars deskundigheid en kwaliteit én dat elkaars toegevoegde waarde duidelijk is. Dit is meteen het belangrijkste struikelblok voor samenwerkingtussen huisartsen en complementair behandelaren: er is een grote kennisachterstand bij(huis)artsen over de klinische mogelijkheden en mate van evidence van complementairebehandelmethoden. Bovendien is het voor hen lastig om overzicht te bewaren in de veelheid aan complementaire behandelopties.Het belangrijkste advies vanuit het COCOZ project aan de beroepsorganisaties van complementair behandelaren is dan ook: maak je toegevoegde waarde expliciet en breng focus aan. De in het project ontwikkelde tips & tools moeten vooral vanuit dat perspectief gezien worden.Er zijn rond zeven thema’s tips & tools ontwikkeld, bedoeld voor de (individuele leden vande) zes deelnemende beroepsorganisaties van complementair werkende behandelaren:1.Kaart 1: Tips voor een succesvolle samenwerking tussen complementair behandelaar en huisarts in de eigen regio2.Kaart 2: Tips om kennis te maken met huisartsen in je eigen regio.3.Kaart 3: Tips voor de beroepsorganisatie om huisartsen te laten kennismaken metcomplementaire behandelopties24.Kaart 4: Rapportage van de complementaire behandeling5.Kaart 5: Consultkaart wetenschappelijk bewijs complementaire behandelwijzenKNMG, 2008, Gedragsregel De arts en niet-reguliere behandelwijzen.Onderzoeksopzet76.Kaart 6: Voorbeeld sociale kaart7.Kaart 7: Ethisch raamwerk effectiviteit/veiligheidAlgemene tips voor succesvolle communicatie1. Wees realistisch in je verwachtingen: de afstemming tussen verschillende zorgverleners is in het algemeen het gebied waar nog veel winst te behalen valtom de zorg kwalitatief beter en doelmatiger te maken.2. Ken je grenzen en weet wanneer je moet overleggen/verwijzen (cz behandelaar) of wanneer je weinig effectieve behandelopties hebt (huisarts).3. Richt je als cz behandelaar in eerste instantie op die klachten/aandoeningenwaarvoor de huisarts weinig reguliere mogelijkheden heeft.4. Bel als cz behandelaar de huisarts voor overleg over specifieke patiënten, meteen specifieke vraag of doelstelling (mits de patiënt toestemming geeft).Op elke kaart staat het doel van de kaart vermeld, wordt enige context geboden vanuit deCOCOZ themabijeenkomsten en wordt een aantal do’s & dont’s en/of tips gegeven. Kaarten bedoeld voor de individuele complementair behandelaar hebben een blauwe balk,kaarten die de individuele behandelaar aan de huisarts kan overhandigen hebben eengele balk en kaarten bedoeld voor de beroepsorganisatie hebben een groene balk.Op kaart 1 en 2 staan bovendien enkele aandachtspunten met betrekking tot de situatievan de huisarts, die van invloed kunnen zijn op eventuele samenwerking. Kaart 1 en 2 zijnbedoeld voor de individuele complementair behandelaar.Kaart 3 is bedoeld voor de deelnemende beroepsorganisaties, omdat dit onderwerp eenlandelijke of regionale aanpak vereist.Kaart 4 biedt een concrete voorbeeldbrief om te rapporteren over de complementaire behandeling. Deze brief is samengesteld uit voorbeelden van complementaire behandelaarsvan diverse disciplines en de commentaren van de huisartsen. De aanbeveling is om altijdte rapporteren en bij voorkeur in deze vorm. Kaart 4 is bedoeld voor de individuele complementair behandelaar.Kaart 5 geeft een beknopt overzicht van wetenschappelijk bewijs voor het gebruik van vijfverschillende complementaire behandelmethoden voor drie chronische aandoeningen:chronische lage rugpijn, bovenste luchtweginfecties en prikkelbare darmen. Dit zijn aandoeningen die voor de huisarts vaak moeilijk te behandelen zijn en waar de vijf complementairebehandelwijzen mogelijk oplossingen kunnen bieden. De onderliggende literatuur is ook beschikbaar. Kaart 5 is bedoeld voor de huisarts en kan door de individuele complementairbehandelaar aan de huisarts overhandigd worden op het moment dat er persoonlijk contact plaatsvindt.Kaart 6 biedt een zelf in te vullen voorbeeld van een sociale kaart. De aanbeveling is om ditsamen met behandelaars van andere complementaire disciplines in de omgeving te doen,8COmmunicatie en verwijzing COmplementaire Zorg – COCOZzodat huisartsen alles in één overzicht hebben. Kaart 6 is bedoeld voor de huisarts en kandoor de individuele complementair behandelaar aan de huisarts overhandigd worden ophet moment dat er persoonlijk con. 6 COmmunicatie en verwijzing COmplementaire Zorg – COCOZ In de themabijeenkomsten gaven de huisartsen aan dat er voor hen vier vragen centraal staan: 1. Biedt de complementaire therapie een mogelijke oplossing voor de problematiek

Related Books